Josip broz tito biografia
Josip Broz Tito was een Joegoslavische revolutionair en staatsman die van 1943 tot zijn overlijden in 1980 de Socialistische Federale Republiek Joegoslavië leidde. Hij verwierf internationale bekendheid als leider van de partizanen en als medeoprichter van de Beweging van Niet-Gebonden Landen.
- Geboortedatum
- 7 mei 1892
- Overlijdensdatum
- 4 mei 1980
- Functie
- President voor het leven van Joegoslavië
- Politieke partij
- Joegoslavische Communistenbond
- Militaire rang
- Maarschalk van Joegoslavië
- Geboorteplaats
- Kumrovec, Oostenrijk-Hongarije
- Bekend om
- Verzet tegen de asmogendheden en breuk met Stalin
Vroege jaren en militaire opkomst
Tito groeide op in een boerengezin en raakte tijdens de Eerste Wereldoorlog betrokken bij de arbeidersbeweging.
- Toetreding tot de Russische Communistische Partij in 1920.
- Benoeming tot secretaris-generaal van de Joegoslavische Communistenbond in 1937.
Leiderschap tijdens de Tweede Wereldoorlog
Tijdens de bezetting door de asmogendheden organiseerde Tito de Joegoslavische partizanen, die uitgroeiden tot de meest effectieve verzetsbeweging in Europa. Zijn troepen slaagden erin grote delen van het land te bevrijden zonder grootschalige hulp van buitenlandse legers.
- Oprichting van de Anti-Fascistische Raad voor de Nationale Bevrijding (AVNOJ).
- Erkenning door de geallieerden als de legitieme militaire leider van Joegoslavië.
Buitenlands beleid en de Derde Weg
Na een ideologische breuk met Jozef Stalin in 1948 voerde Tito een onafhankelijke koers die bekendstaat als het titoïsme. Hij balanceerde strategisch tussen het Oostblok en het Westen om de soevereiniteit van de federatie te waarborgen.
- Medeoprichting van de Beweging van Niet-Gebonden Landen in 1961.
- Ontwikkeling van een uniek systeem van economisch arbeiderszelfbestuur.
Binnenlands bestuur en stabiliteit
Onder zijn bewind werd Joegoslavië een federatie van zes republieken, waarbij hij streefde naar "Broederschap en Eenheid" tussen de diverse etnische groepen. Hij wist decennialang de interne spanningen op de Balkan te beheersen door een centraal gezag.
- Handhaving van politieke stabiliteit in een multi-etnische staat.
- Invoering van een federale grondwet die republieken meer autonomie gaf.